Pijn

 

Er zijn van die dagen dat alles zwart is. Pijn is mijn enige beloning. Erge, allesoverheersende pijn. Pijn die elke andere gedachte wegduwt. Pijn die alle vreugde, alle blijdschap uit mijn hart rukt. Te veel pijn.

Alles om me heen wordt dan dof en duister. Alles verliest dan zijn glans.

 

Het enige dat ik dan echt wil is me oprollen onder een dekentje of in mij bed en huilen. Zoute tranen vol pijn (met een klein tikje zelfmedelijden). Huilen tot de laatste tranen uit mijn ogen gerold zijn en ik leeg en stil achterblijf. Als een citroen die tot de laatste druppel is uitgeperst… Als een leeg doosje blijf ik achter. Geen tranen meer, gedachten meer.

Alleen nog wachten… Wachten tot het over gaat. Wachten tot mijn lichaam vindt dat ik voor deze keer genoeg gestraft ben.

 

Langzaam, heel langzaam trekt het weg. (Soms pas na vele uren.)

Traag komen er weer gedachten in mijn hoofd, kom ik weer tot mezelf. Besef ik weer wie en waar ik ben. Als een zwak lichtje aan het einde van een donkere, zwarte tunnel keert ook de hoop terug in mijn hart.

Moe en leeg vind ik ergens toch weer de kracht om op te staan.

Behoedzaam kijk ik over mijn schouder, bang omdat de pijn me elk moment weer genadeloos kan besluipen.

Dan richt ik mijn blik weer vooruit. Ik ben veilig, voorlopig… Veilig… tot de volgende keer…

 

 

Cinder

 

Geef een reactie